Biografie

Jelmer Gremmen / 1978
“Van niets iets maken.” Dat hoort Gremmen regelmatig over zijn beelden en dat is ook waar hij naar streeft. De werkelijkheid weergeven op een zodanige manier zodat deze interessant wordt. “Ik vind het prettig als mensen niet precies weten waar ze naar kijken of juist dat ze een alledaags simpel onderwerp toch ineens mooi gaan vinden, zoals bijvoorbeeld een gekleurde stoel in mooi licht. Alledaagse zaken worden minder alledaags, normaal wordt vreemd of andersom.”
Rond mijn 30e begon hij met het fotograferen van allerlei onderwerpen, niet veel later begon Gremmen als fotograaf bij poppodium Burgerweeshuis te Deventer. Een erg leerzame periode maar de interesse in de muziekwereld verdween langzamerhand en uit de zakelijke opdrachten die hij zo nu en dan daarnaast deed haalde hij  geen plezier meer. Het moeten voldoen aan verwachtingen stoorde en daarmee tezamen ebde het plezier in zelf fotograferen ook weg. “Ik wil m’n eigen gang kunnen gaan met fotografie. Als mensen het niet mooi vinden, dat is dan jammer, maar het is wel mijn beeld en kijk op de wereld om ons heen. Gelukkig komen er genoeg positieve reacties op mijn beelden.”
Jelmer zocht naar manieren om het plezier weer terug te krijgen maar zoiets laat zich niet dwingen, zeker niet met fotografie. Tijdens het bekijken van de documentaire’ Anton Corbijn Inside Out’ kwam het moment dat er besloten werd een analoge camera te kopen. Gremmen wilde hetzelfde beeld als Nederlands bekendste fotograaf maken. “Geen idee wat ik nu precies had gekocht maar het was een erg fraaie camera. Via filmpjes op Youtube leerde ik hoe de film te laden in de camera. Een tijd later kwam ik erachter dat middenformaat niet het beeld gaf wat ik zocht dus inmiddels fotografeer ik alleen nog maar (half)kleinbeeld. Ik fotografeer het meest met de Nikon F3 of een Olympus Trip of een Pen.”
Nu, een viertal jaren later is er geen  geen digitale apparatuur meer en schiet hij alles op film. “De korrel is waar ik het voor doe. Het laat het beeld ademen en schuren zo nu en dan. Dat gevoel in beeld is voor mij belangrijk en niet te verwezenlijken met de moderne camera’s.” Met de passie voor analoog beeld ontdekte Gremmen ook voor hem nieuwe fotografen zoals Daido Moriyama, Harry Gruyaert, Stephan Vanfleteren en uiteraard Anton Corbijn. Deze zijn dan ook zijn voornaamste bron van inspiratie.