Biografie

Jelmer Gremmen / 1978
“Van niets iets maken.” Dat hoor ik regelmatig over mijn beelden en dat is ook waar ik naar streef. De werkelijkheid weergeven op een zodanige manier dat deze interessant wordt. Alledaagse zaken worden minder alledaags, normaal wordt vreemd of andersom.
Rond mijn 30e begon ik met het fotograferen van allerlei onderwerpen, niet veel later begon ik als fotograaf bij poppodium Burgerweeshuis te Deventer.Een erg leerzame periode maar de interesse in de muziekwereld verdween langzamerhand en uit de zakelijke opdrachten die ik zo nu en dan daarnaast deed haalde ik geen plezier meer. Het moeten voldoen aan verwachtingen stoorde en daarmee tezamen ebde het plezier in zelf fotograferen ook weg.
Ik zocht naar manieren om het plezier weer terug te krijgen maar zoiets laat zich niet dwingen, zeker niet met fotografie is mijn ervaring. Tijdens het bekijken van de documentaire’ Anton Corbijn Inside Out’ kwam het moment dat ik besloot een analoge camera te kopen. Ik wilde hetzelfde beeld als Nederlands bekendste fotograaf maken.
Nu, een drietal jaren later heb ik geen digitale apparatuur meer en schiet ik alles op film. De korrel is waar ik het voor doe. Het laat het beeld ademen en schuren zo nu en dan. Dat gevoel in beeld is voor mij belangrijk en niet te verwezenlijken met de moderne camera’s. Met de passie voor analoog beeld ontdekte ik ook voor mij nieuwe fotografen zoals Daido Moriyama, Harry Gruyaert, Stephan Vanfleteren en uiteraard Anton Corbijn. Deze zijn dan ook mijn voornaamste bron van inspiratie.